Vlaanderen spendeert 3,55% van Vlaams BBP aan investeringen

Door Geert Bourgeois op 2 mei 2019, over deze onderwerpen: Vlaamse regering
Geert Bourgeois

Op verzoek van Vlaams minister-president Geert Bourgeois heeft het Vlaamse departement Kanselarij en Bestuur een studie gemaakt om de investeringscijfers op Vlaams niveau gedetailleerd in kaart te brengen. Resultaat: Vlaanderen spendeerde in 2017 3,55% van het Vlaamse BBP aan investeringen. Geert Bourgeois is tevreden dat we nu beschikken over een belangrijk meetinstrument en ijkpunt voor de volgende jaren en pleit voor een investeringsnorm waarbij de volgende Vlaamse Regering de investeringsuitgaven in een eerste fase verder optrekt tot minstens 4% van het Vlaamse BBP.

Geert Bourgeois: “Vlaanderen heeft de laatste jaren een shift gemaakt van lopende uitgaven naar investeringsuitgaven, met recordinvesteringen in mobiliteit en openbare werken, in schoolgebouwen, ziekenhuizen, woonzorgcentra, innovatie, sociale huisvesting etc. We moeten dat pad resoluut voort zetten, want ook 3,55% is eigenlijk nog te weinig. Binnen een strak budgettair kader pleit ik voor een verdere verhoging van de investeringen tot minstens 4% van het Vlaamse BBP. Een investeringsnorm kan een leidraad zijn om daartoe te komen.”

Er gaat in dit land verhoudingsgewijs te weinig budget naar investeringen. Voor heel België wordt dit geraamd op minder dan 2,5%, daar waar dit in de jaren ’70 nog boven de 5% geraamd werd. Sinds de besparingen van de regeringen Martens-Dehaene in de jaren ’80 en ’90 is er steevast geremd op investeringen, terwijl de lopende uitgaven nog steeds hoog zijn gebleven.

Vlaams minister-president Geert Bourgeois heeft al eerder verklaard dat hij voorstander is van een investeringsnorm, met als doel een geleidelijke stijging van de investeringsuitgaven in verhouding tot de lopende uitgaven. Binnen een strak budgettair kader vergt dat uiteraard begrotingsdiscipline en budgettaire keuzes. Het voordeel van zo’n norm is dat die gecontroleerd kan worden door o.a. het Vlaams parlement, het Rekenhof, de Nationale Bank, de SERV alsook internationale instellingen.

Niet alleen de Vlaamse Regering doet belangrijke investeringen, ook de Vlaamse lokale besturen en de intercommunales zijn een belangrijke motor van investeringen. Met de nieuwste cijfers van het Vlaamse departement Kanselarij en Bestuur hebben we nu voor het eerst al deze investeringen samen in kaart gebracht, wat een belangrijk meetinstrument is voor de volgende jaren.

• In 2017 bedragen de globale investeringsuitgaven in totaal 3,55% van het Vlaamse BBP.
• Voor het jaar 2018 hebben we enkel nog maar cijfers van de investeringsuitgaven van de Vlaamse overheid, maar die laten alvast een verdere, lichte stijging zien t.o.v. 2017. Ook de SERV erkende dit in zijn analyse van de Vlaamse begroting van 2018 en merkte op dat de investeringsuitgaven ten opzichte van 2017 met 5,6% gestegen waren terwijl de lopende uitgaven slechts met 1,9% gestegen waren.
• Aangezien de begroting van 2019 forse extra budgetten toegekend heeft aan allerlei investeringsbevoegdheden, kan redelijkerwijze worden aangenomen dat de 3,55% van 2017 nog verder zal stijgen.
• Dit toont aan dat we erin geslaagd zijn om de investeringsuitgaven nog iets sterker te laten stijgen dan de stijging van het Vlaamse BBP (die de voorbije jaren al tamelijk fors was).

Ook internationale instellingen zoals de EU, de OESO en het IMF pleiten voor een verhoging van de investeringen in België, wat cruciaal is om de economische groei op langere termijn structureel te verhogen. Het effect van investeringen op de groei werd door de Nationale Bank in 2016 als volgt omschreven:

Op korte termijn sorteert een toename van de overheidsinvesteringen een positief vraageffect in de economie, met een rechtstreekse opwaartse impact op het bbp. […] Op lange termijn spelen overheidsinvesteringen in op de aanbodzijde van de economie doordat ze de algemene productiviteit van die economie verhogen. Het is precies die positieve externaliteit die van overheidsinvesteringen een sterk beleidsinstrument maakt om op lange termijn duurzame economische groei tot stand te brengen. De exacte impact van overheidsinvesteringen op lange termijn hangt uiteraard in hoge mate af van de aard van de investeringen. Zo wordt de productiecapaciteit van een economie voornamelijk gestimuleerd door investeringen in R&D, scholing en infrastructuur.”

(In 2014 was er een uitzonderlijk hoge piek, hoofdzakelijk te verklaren doordat de toenmalige regering in maart 2014 beslist had om het gebruikelijke jaarlijkse bedrag aan machtiging voor de VMSW en het VWF om sociale leningen te verstrekken (gewoonlijk 800 à 900 miljoen euro per jaar), uitzonderlijk en eenmalig te verhogen met 500 miljoen euro (wegens toen plotseling nijpende tekorten bij VMSW en VWF). Die ESR-8-participaties waren in dat jaar dus uitzonderlijk hoog. Vóór 2014 en nadien is zo’n verhoging nooit gebeurd, vandaar de plotse opstoot in de cijfers. Als je dit eenmalige effect wegneemt, zie je een normale, tamelijk lineair stijgende lijn in de investeringsuitgaven.)  

 

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is